JE DOCHTER IS 9: WAT ER IN HAAR HOOFD ÉN OP SCHOOL GEBEURT (De verdieping)
In het kennisitem Ze is 9 JAAR. En je denkt ”wat is er met mijn kind aan de hand?” (de basis) staat wat je thuis kunt herkennen aan je dochter in deze fase. Dit kennisitem gaat een laag dieper: wat er in haar brein en op school gebeurt, én concrete handvatten om haar daarin te helpen navigeren.
Haar brein is aan het verbouwen
Rond het negende jaar begint er van binnenuit iets te verschuiven. Het brein maakt zichzelf efficiënter door verbindingen die weinig gebruikt worden op te ruimen. Pruning heet dat. Tegelijk stijgen hormonen zoals oestrogeen langzaam, wat effect heeft op hoe ze emoties verwerkt en hoe ze sociale signalen leest. Het gevolg is een stresssysteem dat gevoeliger is geworden. Dingen die eerder langs haar heen gingen komen nu harder aan.
Tegelijk wordt ze in deze fase steeds beter in het lezen van mensen en situaties. Ze herkent emoties sneller, begrijpt beter dat anderen andere gedachten hebben dan zij, en voelt sociale dynamieken scherper aan. Handig, want ze navigeert een steeds complexere sociale wereld. Maar het maakt haar ook gevoeliger. Ze denkt na over wat die blik van haar vriendin betekende. Of die opmerking expres was. Of ze erbij hoort..
Wat er op school speelt
Vriendschappen veranderen op deze leeftijd van karakter. Het gaat niet meer alleen om samen spelen. Het gaat om loyaliteit, vertrouwen en je plek in de groep weten. Sociale hiërarchieën worden zichtbaar. Wie heeft iets te zeggen. Wie wordt geaccepteerd. Wie staat er soms net buiten.
Meisjes experimenteren in deze fase met hun positie. In een groepje van vier waar iedereen graag de toon zet ontstaat bijna automatisch spanning (het zijn net grote mensen). En omdat haar stressrespons gevoeliger is geworden voelt een kleine ruzie nu als een grote afwijzing.
Wat je thuis terug ziet in, tranen, stilte, uitbarstingen, het is vaak de emotionele neerslag van een dag waarop ze hard heeft gewerkt aan haar plek in de wereld. Ze komt uitgeput thuis en laat het bij jou zakken. Intensief en soms voelt je je machteloos om dat allemaal te zien gebeuren, maar ook een goed teken. Jij bent veilig.
Het belangrijkste onderscheid dat je kunt maken is tussen normaal conflict en pesten. Meisjes die ruzie hebben met een vriendin leren sociale vaardigheden. Dat hoort erbij. Pesten is iets anders: herhaald, opzettelijk gedrag met als doel iemand buitensluiten of kwetsen. Als het de ene keer wel goed gaat en de andere keer niet dan is vaak conflict en zijn ze hun weg nog aan het vinden. En kinderen onderling kunnen daar best hard in zijn. Als je een structureel patroon herkent is het tijd om in te grijpen. Bij gewone conflicten helpt het meer om haar te leren navigeren dan het zelf op te lossen. Die moeilijke tijden zelf leren navigeren maakt je kind mentaal ontzettend sterk. Hoe moeilijk het als ouder soms ook is om niet in te grijpen.
Hoe je haar helpt zonder het over te nemen
Als ze thuiskomt met een verhaal over school is je eerste impuls waarschijnlijk het probleem oplossen. Dat is onze speciale vaardigheid als ouder, problemen oplossen. Maar wat ze vaak meer nodig heeft is dat je luistert zonder meteen in actie te schieten.
Stel vragen. Wat denk jij dat er aan de hand was? Wat voelde dat voor jou? Wat zou je een volgende keer anders kunnen doen? En welk effect kan dat hebben? Wat is je eigen aandeel hierin? Wat zou je het liefste willen? En is dat ook wat de ander wil? Dat helpt haar kritisch nadenken over sociale situaties. En het geeft haar het gevoel dat ze het zelf kan, met jou naast haar.
Ga je te snel bellen met de andere ouder of naar school stappen dan ondermijnt dat haar vermogen om zelf te leren omgaan met conflict. Tenzij er sprake is van pesten. Dan wel.
Drie dingen die echt helpen
Help haar ontdekken wie ze is.
Is ze iemand die graag de toon zet? Of sluit ze liever aan? Functioneert ze beter met één goede vriendin dan in een grote groep? Dit zijn geen goede of slechte eigenschappen, het zijn gewoon verschillende temperamenten. Als ze dit van zichzelf begrijpt kan ze beter kiezen bij welke groepen ze past.
Hier zit ook een mooie oefening in zelfkennis. Een meisje dat beter gedijt in een één op één vriendschap zal soms, misschien zonder het te beseffen, dingen doen om die vriendschap te beschermen. Een ander kind buitensluiten bijvoorbeeld, of plannen maken zonder de rest. Vraag haar eens: wat denk je dat dat doet met de anderen? Hoe zou het zijn als iemand dat bij jou zou doen, hoe zou dat voelen? Zonder vinger te wijzen, gewoon samen nadenken. Ze leert dan niet alleen wat werkt voor haar, maar ook wat haar gedrag doet bij een ander.
Bouw samen een intern kompas.
Wat is voor haar echt belangrijk in een vriendschap? Wat zou ze zichzelf nooit zien doen, ook niet om erbij te horen? Als ze dit weet kan ze situaties beter beoordelen. Je kunt er op lastige momenten naar teruggrijpen: voelt dit als iets wat tegen jouw waarden (je lijstje) ingaat, of is dit iets waar je gewoon flexibel in kunt zijn?
Leer haar battles kiezen.
Aanpassen en meegaan is iets anders dan jezelf kwijtraken. Help haar voelen wanneer ze ergens echt voor moet opkomen en wanneer ze iets los kan laten. Als ze thuiskomt en zegt “ik wil wel met hen spelen maar ik wil niet anders worden dan ik ben” is dat precies het goede instinct. Benoem dat. Want ze verwoordt daarmee iets wat veel volwassenen nog moeten leren.
Thuis als oefenplek
Besteed een paar keer per week even tijd met haar zonder agenda. Gewoon doen wat zij wil doen. Dat creëert de veiligheid van waaruit ze durft te vertellen wat er speelt.
Oefen ook concrete vaardigheden in veilige situaties. Hoe stap je een groep binnen. Hoe begin je een gesprek. Hoe ga je om met een nee. Hoe ga je om met geheimzinnig doen of roddelen. Dat zijn vaardigheden die ze haar hele leven gebruikt. Hoe jij thuis omgaat met conflicten doet er ook toe. Ze kijkt mee en leert van wat ze ziet. Veel minder van wat je uitlegt.
Dit geldt voor alle meisjes in haar klas
Het helpt haar, en misschien ook jou, om te weten dat ze niet de enige is die dit moeilijk vindt. Alle meisjes in haar klas zitten in dezelfde fase. Ze worstelen allemaal met hun plek, hun identiteit, wie ze zijn en wie ze willen zijn. Ook het meisje dat altijd zelfverzekerd lijkt.
Als ze dat begrijpt voelt een afwijzing minder persoonlijk. Iedereen is op dit moment aan het uitvogelen.
Lees ook
- Kennisitem: GRENZEN STELLEN: WAAROM HET ZO LASTIG IS EN WAT WEL WERKT
- Kennisitem: Ze is 9 JAAR. En je denkt ”wat is er met mijn kind aan de hand?” (de basis)
- Parent hack: Parent hack: de magie van luisterverhalen
Terug naar Grip op opvoeding